Verwarmingskosten verlagen zonder schimmelgevaar: zo blijven muren warm en vrij van schimmel

Nu de temperatuur zakt en de winter nadert, willen veel huishoudens minder betalen voor verwarming. Dat heeft te maken met stijgende consumentenprijzen en de nog steeds hoge energiekosten. Steeds meer mensen overwegen de kamertemperatuur in publieke en private ruimtes omlaag te zetten. Een belangrijke vraag daarbij is of die besparingen het risico op schimmel in huis vergroten.
Slim besparen en schimmel — hoe zit dat?
De Verbraucherzentrale Nordrhein-Westfalen (een Duitse consumentenbeschermingsorganisatie) geeft advies om energie te besparen zonder schimmel te stimuleren. Eén van hun kernpunten: verwarm niet alleen de kamer waar je op dat moment bent tot 21 °C en laat de rest koud. Dat wordt afgeraden. Veel beter is om overal een gelijkmatige temperatuur van ongeveer 19 °C aan te houden.
Slaapkamers mogen best 16 °C zijn, mits de rest van het huis in balans blijft. Een voorbeeld: de woonkamer op 20 °C en de slaapkamer op 16 °C kan prima. Het probleem ontstaat als alle kamers tegelijk sterk afkoelen, want koude muren kunnen condensatie veroorzaken. Condensatie kan leiden tot schimmel. Daarom is het slimmer om de temperatuur overal slechts met twee tot drie graden te verlagen.
De consumentenorganisatie raadt ook programmeerbare thermostaten aan. Die helpen om kamertemperaturen efficiënt te regelen zonder steeds alles handmatig aan te passen.
Goed ventileren en het vocht in huis
Effectief ventileren is heel belangrijk om vochtabsorptie te verminderen zonder onnodig warmteverlies. De aanbevelingen zijn stootventilatie en dwarsventilatie. Bij een buitentemperatuur onder 0 °C wordt aangeraden ramen telkens ongeveer 5 minuten open te zetten. Bij temperaturen tot 10 °C kun je dat uitbreiden tot ongeveer 10 minuten.
De buitentemperatuur beïnvloedt de binnenluchtvochtigheid flink. In oudere, ongeïsoleerde gebouwen (bijvoorbeeld) moet de relatieve luchtvochtigheid binnenshuis vaak onder de 50% blijven wanneer het buiten onder de 5 °C is, om schimmel te voorkomen. Zoals de Verbraucherzentrale Nordrhein-Westfalen het stelt: “Hoe kouder de buitenlucht is, hoe lager de relatieve binnenluchtvochtigheid moet zijn.”
Wat je zelf kunt doen en wanneer je een vakman belt
Naast verwarmen en ventileren kun je nog andere dingen doen:
- houd muren vrij en zet meubels niet tegen de muren aan, zodat lucht kan circuleren en schimmel minder kans krijgt.
- Controleer ook je verwarmingskostafrekeningen goed. Een afwijking van meer dan 10% ten opzichte van het voorgaande jaar kan wijzen op onzuiverheden of een defect in de verwarming.
Bij twijfel of bij afwijkende verbruikscijfers is het verstandig een vakman in te schakelen. Die kan onder andere de verwarmingspomp controleren en een hydraulische afstemming (hydraulische balans) uitvoeren. Huiseigenaren met een eigen olie- of gasverwarming kunnen dit vaak zelf regelen; in huurwoningen is de verhuurder meestal verantwoordelijk.
Een energiezuinige, droge woning draagt bij aan een gezond binnenklimaat. Terwijl mensen zoeken naar manieren om te besparen, is het belangrijk om ook de bouwkundige staat van het huis te behouden. Met slimme temperatuurbeheer, goed ventileren en regelmatig onderhoud kun je een comfortabele, schimmelvrije woonomgeving maken. Daarmee besparen huishoudens niet alleen op hun energierekening, maar dragen ze ook bij aan een gezondere leefomgeving.