Volgens gerontologen draait het na je 70e niet om dagelijkse wandelingen of sportsessies, maar juist om déze specifieke bewegingsvorm die je levensduur echt verlengt

In een wereld waar fitness vaak gelijkgesteld wordt aan intensieve trainingen en zware oefeningen, werpen nieuwe inzichten ander licht op bewegen — vooral voor wie de leeftijd van 70 jaar al heeft bereikt. Terwijl de meeste adviezen focussen op lange wandelingen of sportsessies, geven gerontologen aan dat het regelmatig doen van alledaagse microbewegingen veel kan bijdragen aan gezondheid en zelfstandigheid op latere leeftijd.
Je dagelijkse leven als training
Bij de uitgang van een gemeenschapshuis, naast een balansstudio, is het tafereel rustig maar veelzeggend. Een man van 78 jaar, in een blauwe windbreaker, verlaat de balansles. Zijn handen, met aderen als dunne touwtjes, prutsen rustig met sleutels. Op de stoeprand wacht zijn vriend en doet een hiel-op-teen-wandeling langs een scheur in het wegdek.
Twee vrouwen in hun zeventig zitten op een bankje en praten, en strekken af en toe hun schouders of rollen met hun enkels. Niemand zit stappen te tellen of powerwalking te doen — het zijn microbewegingen, verborgen in alledaagse handelingen. Een gerontoloog naast de verteller glimlacht en fluistert: “Dit is de echte training.”
Waarom traditionele adviezen vaak niet werken
De meeste ouderen krijgen het advies om dagelijks te wandelen of naar de sportschool te gaan. Laat ons eerlijk zijn: niemand doet dat echt elke dag. Zulke plannen houden vaak niet lang stand. Regen, pijnlijke knieën of de ziekte van een partner zijn al genoeg redenen om te stoppen. En psychologisch gezien vinden veel mensen het lastig om een ambitieus regime vol te houden.
Beweging verwerken in het dagelijkse leven
Gerontologen die gemeenschappen bestuderen waar mensen probleemloos gezond oud worden, zien weinig loopbanden. In plaats daarvan zijn er keukens zonder hoge krukken, tuinen die werk vragen en vloeren waar je voor moet bukken om iets op te rapen.
Een opvallend voorbeeld komt van een Italiaanse geriater die vertelt over een voormalige naaister van 92 jaar. Ze staat tijdens telefoongesprekken, legt de was op een laag rek en loopt tijdens elke tv-reclame door de gang. Ondanks een laag aantal stappen presteren haar grijpkracht en balansscore beter dan die van patiënten 20 jaar jonger.
Wat er in je lichaam en je hersenen gebeurt
Lichaam en geest hebben voortdurende prikkels nodig om kracht en balans te behouden. Het zenuwstelsel heeft steeds nieuwe input nodig om zowel fysieke als cognitieve functies scherp te houden. Elke keer dat je opstaat of draait, stuurt dat waardevolle informatie naar de hersenen en houdt zo de dialoog tussen lichaam en geest gaande.
Simpel beweegpatroon dat werkt
Kort en doeltreffend: een reeks korte “bewegingsexplosies” om de 20-30 minuten. Dat kan zijn het verplaatsen van je gewicht van het ene been naar het andere, langzame sit-to-stands of een korte wandeling naar het dichtstbijzijnde raam. Deze oefeningen vragen geen speciale apparatuur of lidmaatschap en laten zich makkelijk in je dag stoppen.
Kleine bewegingen doen veel goeds: ze verbeteren de bloedsomloop, houden gewrichten soepel en beschermen de proprioceptie (het vermogen om de positie van je lichaam te voelen). Korte uitbarstingen van activiteit verspreid over de dag blijken optimaal voor mobiliteit, zelfstandigheid en mentale veerkracht op latere leeftijd.
De gedachte hierachter is dat veelvuldige beweging in verschillende richtingen net zo effectief kan zijn als klassieke trainingen. Zoals Dr. Elena Rossi, een gerontoloog uit Milaan, het zegt: “Na je zeventigste zijn de winnaars niet degenen die het hardst trainen. Het zijn degenen die het vaakst bewegen, in de meeste richtingen, zonder zichzelf zo bang te maken dat ze stoppen.” Dat zet je aan tot nadenken en misschien tot een andere manier van bewegen — eenvoudiger en duurzamer.